Laadpunten op de werkplek: wat geldt er in 2026?

Laadpunten op de werkplek: wat geldt er in 2026?

Steeds meer organisaties krijgen te maken met laadpunten op de werkplek. Niet alleen omdat elektrisch rijden groeit, maar ook omdat de regels voor parkeervoorzieningen vanaf 2026 worden aangescherpt.

In dit artikel lees je wat er geldt en waar je als werkgever rekening mee moet houden.

 

Wat geldt er in 2026?

Volgens RVO gaan vanaf 2026 aangescherpte regels gelden voor eigenaren van parkeervoorzieningen. Als werkgever krijg je hier direct mee te maken wanneer het parkeerterrein van jezelf is. Ook bij nieuwbouw, grondige renovatie of een verhuizing kunnen deze regels relevant zijn.

Voor bestaande parkeervoorzieningen geldt nu bij meer dan 20 parkeervakken minimaal 1 laadpunt. Vanaf 2026 worden de eisen aangescherpt. Dan geldt bij meer dan 20 parkeervakken: minimaal 1 laadpunt per 10 parkeervakken, of loze leidingen naar minimaal 50% van de parkeervakken. Voor nieuwbouw of grondige renovatie gelden vanaf 2026 eveneens strengere eisen. Bij niet-woongebouwen gaat het dan om minimaal 1 laadpunt per 5 parkeervakken, en bij kantoorgebouwen om minimaal 1 laadpunt per 2 parkeervakken.

 

Wat betekent dit voor werkgevers?

Laadpunten op de werkplek zijn niet alleen een praktische voorziening voor medewerkers en bezoekers, maar worden ook steeds vaker onderdeel van het bredere mobiliteitsbeleid. Zeker wanneer werknemers elektrisch rijden of wanneer een organisatie werkt aan de verduurzaming van het wagenpark, is het verstandig om tijdig te kijken naar de beschikbare parkeercapaciteit en de laadinfrastructuur op locatie.

RVO wijst er daarnaast op dat ieder laadpunt een parkeerplaats nodig heeft waar een auto ook daadwerkelijk kan staan tijdens het laden. Op een privéparkeerterrein vraagt dit om duidelijke afspraken, bijvoorbeeld via bebording of regels op het terrein, zodat laadplekken ook echt beschikbaar blijven voor voertuigen die laden.

 

Hoe zit het met laden van een privéauto of auto van de zaak?

Voor werknemers met een auto van de zaak is laden op eigen terrein van de werkgever onbelast mogelijk. Voor werknemers met een privéauto ligt dat anders. RVO geeft aan dat de vergoeding voor laadkosten bij een privéauto is inbegrepen in de gerichte vrijstelling van de kilometervergoeding van € 0,23 per kilometer voor zakelijke reizen. Vergoed je als werkgever de precieze laadkosten daarbovenop, of zijn de werkelijke laadkosten hoger dan die vrijstelling, dan is het meerdere belast loon.

Werkgevers kunnen er in dat geval voor kiezen om dit meerdere als eindheffingsloon aan te wijzen en ten laste te brengen van de vrije ruimte van de werkkostenregeling. Een andere mogelijkheid is om een marktconforme vergoeding in rekening te brengen voor het laden op eigen terrein. Daarmee voorkom je dat dit meerdere als belast loon wordt gezien.

 

Waarom is het slim om hier nu al naar te kijken?

De groei van elektrisch rijden maakt laadvoorzieningen op de werkplek steeds relevanter. Tegelijk zorgen de aangescherpte regels ervoor dat organisaties tijdig moeten beoordelen of hun parkeervoorziening nog aansluit op de eisen van nu en straks. Dat geldt niet alleen voor bestaande locaties, maar ook wanneer er plannen zijn voor uitbreiding, verhuizing of renovatie.

Juist daarom is dit een goed moment om te kijken naar het aantal parkeerplaatsen, het huidige aantal laadpunten en de verwachte behoefte in de komende jaren. Zo voorkom je dat je achteraf moet bijsturen en zorg je ervoor dat je werkplek beter aansluit op de mobiliteit van medewerkers en bezoekers.